'Mamaaaaaaa,' zegt Norah.
Ze komt het toilet binnen.
Een toiletbezoek zonder pottenkijkers, dat moet zo'n jaar of 4 geleden zijn.
Net zoals douchen zonder kinderen die onder de warme straal staan, of een boterham eten zonder mondjes die mijn beleg opeten.
'Mama, als jij in de kleuterklas zat, zat ik dan al in jouw buik?'
Even voel ik lichte paniek. In voorlichtingspraatjes heb ik op dit moment weinig zin.
'Nee, nog lang niet,' zeg ik.
Dat ik: 'voor een klein stukje wel al' had moeten antwoorden, dat laat ik even terzijde.
Norah giechelt.
'Nee hé! Dan was ik nog een visje! Een zaadje! Dat weet ik wel hoor!'
Ze gaat het toilet uit, met haar wijsneus in de lucht. Haar vlechtje wiebelt bij de zelfzekere passen die ze neemt.
'Ik ben de winnaar, want ik was eerst bij het eitje!' voegt ze er nog trots aan toe.
Ik blijf verdwaasd achter en grinnik. Blij dat ze dit even zelf ophelderde.
Als dit voorlichting is, dan kijk ik er niet eens tegen op.
donderdag 28 april 2016
zondag 24 april 2016
foto 1 - de interpretatie van Norah
Norah zit te kleuren. Op haar blad staat een beer - met de neus in de vorm van een hartje - die een taartje eet. De beer draagt een kroontje, een tutu en vleugeltjes.
'Mama?' vraagt ze, 'is het een echte beer, of een knuffelbeer?'
'Een knuffelbeer', zeg ik. Ik stel me even een een grommende bruine beer voor, die in een roze tutu zijn meest bloeddorstige blik geeft.
Norah fronst.
'Het is zéker een echte beer hoor mama! Knuffelberen kunnen helemaal geen taartjes eten!'
Logisch.
'Mama, ga jij zeggen wat ik mag tekenen?' vraagt ze, als ze klaar is met kleuren.
Ik denk na. Op een zondag als deze is mijn inspiratie minder origineel dan die van Mister Google. Op een gevleugelde ballet-beer-prinses mét taart was ik zelf niet gekomen.
'Weet je wat?' zeg ik, 'je mag de foto van het fotoverhaal natekenen.'
Ik toon haar de foto die we vandaag maakten.
Zonder commentaar op mijn voorstel gaat ze aan de slag. (Zonder commentaar, dat is eerder zeldzaam.)
Et voilà! Dit is de interpretatie van een 4,5 jarige op het portret van de 3 kindjes!
Schitterend vind ik het. Al was het maar voor de tandjes van Norah en de schaapachtige lach van Rube. Ze was zelf een beetje in de war hoe Bores nu precies in elkaar zit, maar goed, ze heeft duidelijk wel naar de foto gekeken.
Voel ik daar een maandelijkse traditie aankomen?
Fotoverhaal versus kinderlijke interpretatie!
'Mama?' vraagt ze, 'is het een echte beer, of een knuffelbeer?'
'Een knuffelbeer', zeg ik. Ik stel me even een een grommende bruine beer voor, die in een roze tutu zijn meest bloeddorstige blik geeft.
Norah fronst.
'Het is zéker een echte beer hoor mama! Knuffelberen kunnen helemaal geen taartjes eten!'
Logisch.
'Mama, ga jij zeggen wat ik mag tekenen?' vraagt ze, als ze klaar is met kleuren.
Ik denk na. Op een zondag als deze is mijn inspiratie minder origineel dan die van Mister Google. Op een gevleugelde ballet-beer-prinses mét taart was ik zelf niet gekomen.
'Weet je wat?' zeg ik, 'je mag de foto van het fotoverhaal natekenen.'
Ik toon haar de foto die we vandaag maakten.
Zonder commentaar op mijn voorstel gaat ze aan de slag. (Zonder commentaar, dat is eerder zeldzaam.)
Et voilà! Dit is de interpretatie van een 4,5 jarige op het portret van de 3 kindjes!
Schitterend vind ik het. Al was het maar voor de tandjes van Norah en de schaapachtige lach van Rube. Ze was zelf een beetje in de war hoe Bores nu precies in elkaar zit, maar goed, ze heeft duidelijk wel naar de foto gekeken.
Voel ik daar een maandelijkse traditie aankomen?
Fotoverhaal versus kinderlijke interpretatie!
Goede voornemens: een fotoverhaal - foto 1
Bij vriendinnen zie ik zo'n foto's vaak passeren: foto's van hun kindje(s) bij een knuffelbeer, in de zetel, op het verzorgingskussen. Week na week, maand na maand op dezelfde plaats, zodat je goed de evolutie ziet. Geweldig vind ik dat, en niet in het minst omdat de mama's (of papa's?) dat zo consequent volhouden.
Nu maak ik voor mezelf een goed voornemen: 1x per maand fotografeer ik de kindjes, als prachtige visuele herinnering. Om niet te vergeten welke gezichten bij de verhaaltjes horen.
En omdat ik dit nu zo plechtig beloof op 't internet, kan ik niet anders dan van mezelf ook zo'n consequente moeder te maken.
Elke maand dus. En dit is de eerste: april 2016
Je hebt temperament, dat is zeker. Maar geleidelijk aan komt er ook een klein beetje opening tot overleg als de woede begint te borrelen. Dat is een grote stap, en daar ben ik blij om.
Jouw tekeningen zijn prachtig. Elke avond eindig ik met een hele stapel kunstwerkjes op mijn bureau.
Een sloeber met een peperkoeken hart, dat ben jij.
'Hoe stelt hij het op school?' vragen de mensen. 'Goed!' zeg ik dan, 'maar ik weet niet hoe de juf het stelt.'
De zindelijkheidstraining gaat niet geweldig goed. Je bent zindelijk, ja. In jouw blote poep. Maar bij het aantrekken van een broek krijg je groen licht om te plassen waar je maar wil. Je hebt geen idee hoe hard ik verlang tot je de klik maakt.
Dat kon ook niet anders, want al dagenlang oefen je elke beweging apart. Bij jou geldt 'met vallen en opstaan' niet. Je oefent, vòòr je er aan begint. Eerst zat je in kruiphouding, tot die houding een gewoonte werd. Daarna in kruiphouding met 1 arm of been omhoog. En zo bleef je zitten, minutenlang, op zoek naar het perfecte evenwicht.
En vandaag, nadat je elke arm en elk been met een bepaalde zekerheid van de grond durfde halen, heb je de bewegingen aan elkaar gebreid. Je kroop, en je was fier!
Je bent als een vrolijke, lieve jongen op de wereld gekomen. En dat is nog steeds zo. De vleesgeworden vriendelijkheid.
Deze week was een week van primeurs. Je leerde niet alleen zelfstandig voortbewegen, je kreeg ook 2 tandjes én at voor het eerst vaste voeding. Gemixte papjes wil je niet, dus je eet grote stukken (komkommer, banaan en appelsien lukken al een beetje). Je wil ook geen flesjes, maar aangezien je altijd bij mij bent, is dat niet erg.
De haartjes die je kwijt was komen heel geleidelijk aan terug, hetzij niet meer bruin. Net als jouw broer wordt je blond! (denk ik)
Nu maak ik voor mezelf een goed voornemen: 1x per maand fotografeer ik de kindjes, als prachtige visuele herinnering. Om niet te vergeten welke gezichten bij de verhaaltjes horen.
En omdat ik dit nu zo plechtig beloof op 't internet, kan ik niet anders dan van mezelf ook zo'n consequente moeder te maken.
Elke maand dus. En dit is de eerste: april 2016
April 2016
Norah,
jij bent nu 4,5 jaar, al een heuse jongedame. Nog steeds neemt het plezier in jou ogen toe recht evenredig met de hoeveelheid roze in jouw omgeving. En nog steeds ben je weg van flamingo's. En Hello Kitty.Je hebt temperament, dat is zeker. Maar geleidelijk aan komt er ook een klein beetje opening tot overleg als de woede begint te borrelen. Dat is een grote stap, en daar ben ik blij om.
Jouw tekeningen zijn prachtig. Elke avond eindig ik met een hele stapel kunstwerkjes op mijn bureau.
Rube,
Om deze foto te maken, hebben we de volledige trukendoos gebruikt. Niet omdat je niet graag op de foto staat, integendeel. Gewoon omdat er veel meer plezier schuilt in het tegenovergestelde doen van wat gevraagd wordt.Een sloeber met een peperkoeken hart, dat ben jij.
'Hoe stelt hij het op school?' vragen de mensen. 'Goed!' zeg ik dan, 'maar ik weet niet hoe de juf het stelt.'
De zindelijkheidstraining gaat niet geweldig goed. Je bent zindelijk, ja. In jouw blote poep. Maar bij het aantrekken van een broek krijg je groen licht om te plassen waar je maar wil. Je hebt geen idee hoe hard ik verlang tot je de klik maakt.
Bores,
jij bent een analist. Gisteren kroop je voor het eerst. Met heel mooi gevormde bewegingen.Dat kon ook niet anders, want al dagenlang oefen je elke beweging apart. Bij jou geldt 'met vallen en opstaan' niet. Je oefent, vòòr je er aan begint. Eerst zat je in kruiphouding, tot die houding een gewoonte werd. Daarna in kruiphouding met 1 arm of been omhoog. En zo bleef je zitten, minutenlang, op zoek naar het perfecte evenwicht.
En vandaag, nadat je elke arm en elk been met een bepaalde zekerheid van de grond durfde halen, heb je de bewegingen aan elkaar gebreid. Je kroop, en je was fier!
Je bent als een vrolijke, lieve jongen op de wereld gekomen. En dat is nog steeds zo. De vleesgeworden vriendelijkheid.
Deze week was een week van primeurs. Je leerde niet alleen zelfstandig voortbewegen, je kreeg ook 2 tandjes én at voor het eerst vaste voeding. Gemixte papjes wil je niet, dus je eet grote stukken (komkommer, banaan en appelsien lukken al een beetje). Je wil ook geen flesjes, maar aangezien je altijd bij mij bent, is dat niet erg.
De haartjes die je kwijt was komen heel geleidelijk aan terug, hetzij niet meer bruin. Net als jouw broer wordt je blond! (denk ik)
donderdag 21 april 2016
Een fiets voor gezellige bijtjes - DIY
Ik was zo'n jaar of zeven. Op het blad papier verder op mijn bureau stond een ontwerp van een fiets met 5 plaatsen. Een tandem, maar dan een tikkeltje langer.
Geconcentreerd werkte ik aan het schaalmodel in ijzerdraad.
Het dingetje is nooit helemaal af geraakt, maar mama vond het prachtig. (Tot op heden staat het in de slaapkamer tentoongesteld.)
In mijn fantasie gingen we op vakantie met een volledig gepimpte gocart. Voor iedereen een plaatsje, dicht bij elkaar. Als bijtjes in een raat.
Ik heb altijd al een heel sterk gezelligheidsgevoel gehad bij zo'n dingen.
Waar je in de heerlijke aanwezigheid van anderen stilletjes jezelf kan zijn.
Het is niet voor niets dat ik zo dol ben op ons bed. Mijn kinderlijke fantasieën zijn nooit helemaal weggegaan, en nu ik op eigen benen sta ben ik vrij me daar helemaal in te laten gaan. :-)
Dus: een fiets om gezellig met z'n allen te cruisen, dat zag ik wel zitten!
En aangezien ik zin had in nog een DIY-foefel-knutsel-blogje, ging ik op zoek naar een ietwat afgeleefd tweedehands exemplaar.
(Bovendien: elk pretpark heeft zijn eigen treintje. Feryndorp doet daar graag aan mee! ;-) )
Eigenlijk heb ik helemaal niet veel veranderd. De fiets werd in het zwart gespoten en de oude accessoires werden vervangen door nieuwe. Op de bak kleefde ik driehoekjes in mdf en de handvaten werden overtrokken met leder.
Het plan is om lederen zeteltjes te maken voor ons luxewagentje, maar dat is er nog niet van gekomen. En voor het regenweer moet er ook nog een huif komen! We weten dus nog wel wat gedaan de komende periode.
![]() |
| Het originele exemplaar |
![]() |
| In de bak maakten we bankjes, ideaal voor 4 kindjes. Hier moeten nog lederen zeteltjes komen. |
![]() |
| Ik voorzie de fiets van lederen handvaten |
![]() |
| Zus Yanne test de fiets. Ze brengt de 3 oudste kindjes naar de klas. Anna gaat mee, gewoon omdat het kan. :-) |
zaterdag 16 april 2016
Een verhaal met uitspattingen
Ik schreef reeds eerder een blogje over de dierlijke kant van Rube. Daar waar ik toen wat stiekeme trekjes van verschillende diersoorten in Rubes handelingen ontdekte, begin ik nu te vrezen voor een echte verdierlijking.
Rube staat in zijn blote poep, met de benen wijd gespreid en de fluit in de wind. Hij kijkt bewonderend naar het plasje dat hij produceert.
We lachen, stiekem, met het absurde zicht.
Ondertussen trek ik mijn schoenen aan om naar buiten te gaan. Hoe grappig het er ook uit ziet, ik wil hem er toch op wijzen dat het niet hoort.
Rube buigt wat dieper door de knieën. De benen zijn nog steeds wijd gespreid en zijn zelfbewondering groeit met de seconde.
Jawel, een dikke drol. Netjes in het gras geplant.
Ik voel even een scheut adrenaline en ik snel naar buiten.
Mira, die bij elke wandelaar met hond denkt aan de plastic zakjes in diens jaszak, mag nu zélf drollen rapen.
Ik loop met idiote passen - mijn schoenen waren nog niet dicht - door het gras en zie het in slowmotion gebeuren:
Rube kijkt tevreden naar zijn prestatie, beslist zijn kunstwerk een persoonlijke toets te geven en wrijft het hoopje met een vloeiende beweging open met zijn schoen.
Daar sta ik dan, op een mooie zonnige namiddag, buiten met een takje de kaka uit de ribbeltjes van een schoen te krabben. Dit is niet het meest glamoureuze moment van mijn leven.
Die avond vergeet ik per ongeluk de schoen buiten. En die nacht onweert het.
Even overweeg ik de lederen schoen binnen te leggen, maar ik besluit het te vergeten.
Dat ik daar niet altijd om kan lachen, dat zeg ik er stilletjes bij. En dat niet elk behoeften-verhaal verteld moet worden, daar ben ik van overtuigd. Daarom laat ik het accidentje van vandaag (iets met 2 boterhammen eten terwijl hij op het potje zit, per ongeluk op de ene boterham plassen, verschrikt roepen dat de boterham nat is en dan per ongeluk TOCH de natte boterham in zijn mond stopt) best achterwege.
Pas op, voor moest je denken dat Rube een vuile jongen is wil ik toch even toevoegen dat hij heel graag in bad gaat.
Zo graag, dat hij het zelfs stiekem doet terwijl ik Bores afdroog.
In de veronderstelling dat hij met een potje in het badwater aan het spelen is, draai ik me om.
Daar zit hij, in bad, mét zijn kleren aan.
De ogen op mijn rug knipperen. Ze hebben dringend nood aan rust.
De tuin
'Moh, kijk eens naar buiten!' zeg ik verschrikt tegen zus Yanne.Rube staat in zijn blote poep, met de benen wijd gespreid en de fluit in de wind. Hij kijkt bewonderend naar het plasje dat hij produceert.
We lachen, stiekem, met het absurde zicht.
Ondertussen trek ik mijn schoenen aan om naar buiten te gaan. Hoe grappig het er ook uit ziet, ik wil hem er toch op wijzen dat het niet hoort.
Rube buigt wat dieper door de knieën. De benen zijn nog steeds wijd gespreid en zijn zelfbewondering groeit met de seconde.
Jawel, een dikke drol. Netjes in het gras geplant.
Ik voel even een scheut adrenaline en ik snel naar buiten.
Mira, die bij elke wandelaar met hond denkt aan de plastic zakjes in diens jaszak, mag nu zélf drollen rapen.
Ik loop met idiote passen - mijn schoenen waren nog niet dicht - door het gras en zie het in slowmotion gebeuren:
Rube kijkt tevreden naar zijn prestatie, beslist zijn kunstwerk een persoonlijke toets te geven en wrijft het hoopje met een vloeiende beweging open met zijn schoen.
Daar sta ik dan, op een mooie zonnige namiddag, buiten met een takje de kaka uit de ribbeltjes van een schoen te krabben. Dit is niet het meest glamoureuze moment van mijn leven.
Die avond vergeet ik per ongeluk de schoen buiten. En die nacht onweert het.
Even overweeg ik de lederen schoen binnen te leggen, maar ik besluit het te vergeten.
De behoeften
Rube en zijn behoeften, dat is een verhaal met vele uitspattingen. Letterlijk.Dat ik daar niet altijd om kan lachen, dat zeg ik er stilletjes bij. En dat niet elk behoeften-verhaal verteld moet worden, daar ben ik van overtuigd. Daarom laat ik het accidentje van vandaag (iets met 2 boterhammen eten terwijl hij op het potje zit, per ongeluk op de ene boterham plassen, verschrikt roepen dat de boterham nat is en dan per ongeluk TOCH de natte boterham in zijn mond stopt) best achterwege.
Pas op, voor moest je denken dat Rube een vuile jongen is wil ik toch even toevoegen dat hij heel graag in bad gaat.
Zo graag, dat hij het zelfs stiekem doet terwijl ik Bores afdroog.
In de veronderstelling dat hij met een potje in het badwater aan het spelen is, draai ik me om.
Daar zit hij, in bad, mét zijn kleren aan.
De ogen op mijn rug knipperen. Ze hebben dringend nood aan rust.
donderdag 14 april 2016
Als het hiernamaals internet had
Mama,als er iets bestaat als het hiernamaals, dan hoop ik dat er internet is.
Dan hoop ik dat je aan volle snelheid kan surfen en in hoge resolutie kan zien.
Dan zou je op Facebook door onze foto’s kunnen scrollen. Mijmerend over wat wàs, trots op wat ìs. En waarschijnlijk ook benieuwd naar wat komt.
Je zou opmerken dat ik een blog ben gestart. Op zoek naar een nieuw publiek dat jouw luisterend oor en bewonderende blik kan vervangen.
‘Mira’tje’, zou je zeggen.
‘Rubeke is veranderd!’
en ‘Wat is Norah groot geworden!’
en ‘Bores is niet meer dat kleine bolleke van toen.’
Je zou kunnen volgen hoe het met de sjakossen gaat. Hoe wij ons ontpopten tot ‘zakenmama’s’, op het gevoel. Ik kan je geruststellen mama: samen zaken doen, is het beste wat wij als zussen kunnen doen. We staan meer dan ooit met z’n drieën op de lijn die je trok.
Moest je het kunnen lezen, mama, zou ik nog veel meer vertellen.
Over Lucie, over Lize’s nieuwe film, over dingen waar jij weet van had, maar niet met ons hebt mee beleefd.
En ik zou je vertellen.
Over dingen die een deel zijn van òns leven, en niet dat van jou. Over dingen die we nooit hebben kunnen delen. Ik zou je enthousiast vertellen over onze verbouwplannen. Plannen voor het huis dat nog steeds vol hangt met briefjes waarop jouw handschrift prijkt. Briefjes om de To Do's op te lijsten. Ik heb er zoveel zin in, het verbouwbloed heb ik duidelijk van jou geërfd.
Zondag wandelden wij in het donker op onze oprit. Norah stopte. Ze had traantjes, en een trillende lip.
‘Wat is er, Norahtje?’ vroeg ik.
‘Ik moet plots heel erg hard aan oma denken,’ zei ze stil.
Ze keek naar de lucht.
‘Waarom zijn er geen sterren vandaag, mama?’
'Kom ne keer ier meiske,' zou je zeggen. En je zou Norahs verdriet wegknuffelen.
Als het hiernamaals internet had, zou ik nog veel meer schrijven.
‘Ge moet dat niet allemaal op internet zetten’, zou je zeggen.
En ik zou niet luisteren.
maandag 11 april 2016
Ook vroege vogels kùnnen vliegen
Het is zover! Vandaag mag Rube voor het eerst naar school!
2,5 jaar geleden was hij nog een klein vogeltje. Te vroeg op de wereld gekomen, nog niet helemaal uitgebroed. Dus het vogeltje mocht nog een paar weken in de broedkast.
Nu heeft het kleine vogeltje geen donsjes meer. Zijn vleugels maken zich klaar om te vliegen.
De eerste vlucht: naar de klas.
‘Ja?' zeg ik, ik loop al de hele morgen heel licht gespannen en ben er met mijn gedachten niet helemaal bij.
‘Ja,’ zegt Norah. ‘Ik heeft beloofd aan tante Lize dat ik goed voor Rube ga zorgen op school. Maar Rubes klas is een beetje te ver van mijn klas, dan kàn ik niet goed voor hem zorgen!’
‘Dat is niet erg,’ zeg ik, ‘zorg maar goed voor Rube op de speelplaats. In de klas zal hij wel nieuwe vriendjes maken.’
Ik maak Rube stilletjes wakker. Gisteren was hij geschminkt als leeuw, er zit nog een vaag oranje gloed op zijn gezicht.
‘Vandaag is het een leuke dag!’ zeg ik. Rube giechelt.
‘Weet je waar we heen gaan?’
Rubes ogen zijn nog dichtgelijmd met slaap. De flanellen pyjama en de warrige haren maken het plaatje compleet. Hij is nog zo’n klein jongetje.
‘Spelen inne atelier!’ zegt hij blij.
‘Nee’, zeg ik, ‘vandaag mag jij naar school!’
Ik krijg een grom en een pruillip. En de vraag waar papa is.
Onderweg naar school klaart Rube helemaal op. Ik maakte voor hem een lederen boekentas met een auto er op. Uiteraard, want Rube heeft een geweldige boon voor alles wat wielen heeft.
De boekentas, dat is zijn trots, zijn opstapje naar de ‘grote-kindjes-wereld’. In het atelier heeft hij al een paar keer geoefend. Dan liep hij de hele dag met zijn boekentas op zijn rug, en af en toe stak hij er iets in wat op school eventueel nuttig zou kunnen zijn.
Een lepel, een stukje papier of een zonnebril.
Met zijn boekentas op zijn rug nemen zijn fierheid, zijn beleefdheid en zijn leeftijd exponentieel toe.
Dus zo stappen we naar school: met een dappere jongen die er klaar voor is!
Hij zingt het stapliedje mee uit volle borst.'Een, twee, vier, zes, zes, zeeeeeeven! Zoooooo goed! zooooooo beter! Nanananana meter! nanananana sleten!
Na een tijdje oppert hij zelfs om zélf een liedje te zingen. Over een konijn.
'Jamand pra monopo jamina kalaka zofoloooooo. Manoeka lamana fralanooooo. Koniiiiiijjjjjjjjn.’ zingt hij.
Hij is best wel schattig, zo dapper stappend en zingend.
Maar stiekem vragen we ons af of er iemand op school zal zijn die begrijpt wat hij zegt.
En we krijgen een zoen en een kakevient (dikkevriend).
Wat kan het hém schelen, dat we met een week hart achterblijven? Ouders moeten zich dringed leren vermannen, moet hij gedacht hebben.
In mijn ooghoek zie ik hoe de juf getrakteerd wordt op een kleine grom, als ze te dicht komt.
Hij voelt zich duidelijk al helemaal thuis.
Ons Rubeke is perfect zindelijk. In zijn blote poep. Van zodra ik een poging doe hem een broek aan te trekken, ziet hij dat als het signaal om te plassen. Een droge broek is dus reden tot innerlijke mamavreugde. *doet een klein onzichtbaar vreugdedansje*
Rube was flink geweest in de klas.
'De bankjes waren nog wat moeilijk', zegt de juf, 'hij wilde niet gaan zitten.'
En ik begrijp hem wel. Waarom zou hij braaf op de bank gaan zitten, in een veel te kleine kring, met veel te veel kindjes, als net dàt het moment is dat àl het speelgoed vrij is? Helemaal voor hem alleen!
Ik ben blij. Dit komt helemaal goed.
Aan tafel valt hij bijna in slaap, en ik stel zelfs niet meer voor om terug te gaan in de namiddag.
We hadden gedacht dat op z'n minst zijn broek nat zou zijn. Maar nee, zelfs dàt niet!
Wie hier een hilarisch verhaal over kleine krapuultjes had verwacht, is er aan voor de moeite.
Dus om de context toch wat aan te kleden, show ik met plezier even met zijn #selfmade boekentas. ;-)
Hopelijk gaat het morgen even goed!
2,5 jaar geleden was hij nog een klein vogeltje. Te vroeg op de wereld gekomen, nog niet helemaal uitgebroed. Dus het vogeltje mocht nog een paar weken in de broedkast.
Nu heeft het kleine vogeltje geen donsjes meer. Zijn vleugels maken zich klaar om te vliegen.
De eerste vlucht: naar de klas.
de ochtend
‘Mama,’ zegt Norah, ‘ik denk dat ik wel een probleem heeft.’‘Ja?' zeg ik, ik loop al de hele morgen heel licht gespannen en ben er met mijn gedachten niet helemaal bij.
‘Ja,’ zegt Norah. ‘Ik heeft beloofd aan tante Lize dat ik goed voor Rube ga zorgen op school. Maar Rubes klas is een beetje te ver van mijn klas, dan kàn ik niet goed voor hem zorgen!’
‘Dat is niet erg,’ zeg ik, ‘zorg maar goed voor Rube op de speelplaats. In de klas zal hij wel nieuwe vriendjes maken.’
Ik maak Rube stilletjes wakker. Gisteren was hij geschminkt als leeuw, er zit nog een vaag oranje gloed op zijn gezicht.
‘Vandaag is het een leuke dag!’ zeg ik. Rube giechelt.
‘Weet je waar we heen gaan?’
Rubes ogen zijn nog dichtgelijmd met slaap. De flanellen pyjama en de warrige haren maken het plaatje compleet. Hij is nog zo’n klein jongetje.
‘Spelen inne atelier!’ zegt hij blij.
‘Nee’, zeg ik, ‘vandaag mag jij naar school!’
Ik krijg een grom en een pruillip. En de vraag waar papa is.
onderweg
Onderweg naar school klaart Rube helemaal op. Ik maakte voor hem een lederen boekentas met een auto er op. Uiteraard, want Rube heeft een geweldige boon voor alles wat wielen heeft.De boekentas, dat is zijn trots, zijn opstapje naar de ‘grote-kindjes-wereld’. In het atelier heeft hij al een paar keer geoefend. Dan liep hij de hele dag met zijn boekentas op zijn rug, en af en toe stak hij er iets in wat op school eventueel nuttig zou kunnen zijn.
Een lepel, een stukje papier of een zonnebril.
Met zijn boekentas op zijn rug nemen zijn fierheid, zijn beleefdheid en zijn leeftijd exponentieel toe.
Dus zo stappen we naar school: met een dappere jongen die er klaar voor is!
Hij zingt het stapliedje mee uit volle borst.'Een, twee, vier, zes, zes, zeeeeeeven! Zoooooo goed! zooooooo beter! Nanananana meter! nanananana sleten!
Na een tijdje oppert hij zelfs om zélf een liedje te zingen. Over een konijn.
'Jamand pra monopo jamina kalaka zofoloooooo. Manoeka lamana fralanooooo. Koniiiiiijjjjjjjjn.’ zingt hij.
Hij is best wel schattig, zo dapper stappend en zingend.
Maar stiekem vragen we ons af of er iemand op school zal zijn die begrijpt wat hij zegt.
op school
Rube is niet onder de indruk. Het fluohesje gaat aan de kapstok, de boekentas netjes in het rijtje. Hij doet een plasje op het ieniemini-toiletje (hoera! Nu maar duimen voor een droge broek).En we krijgen een zoen en een kakevient (dikkevriend).
Wat kan het hém schelen, dat we met een week hart achterblijven? Ouders moeten zich dringed leren vermannen, moet hij gedacht hebben.
In mijn ooghoek zie ik hoe de juf getrakteerd wordt op een kleine grom, als ze te dicht komt.
Hij voelt zich duidelijk al helemaal thuis.
de middag
Als ik de kindjes van school haal, valt het me onmiddellijk op: Rube draagt dezelfde broek als deze morgen! Dat had ik niet verwacht!Ons Rubeke is perfect zindelijk. In zijn blote poep. Van zodra ik een poging doe hem een broek aan te trekken, ziet hij dat als het signaal om te plassen. Een droge broek is dus reden tot innerlijke mamavreugde. *doet een klein onzichtbaar vreugdedansje*
Rube was flink geweest in de klas.
'De bankjes waren nog wat moeilijk', zegt de juf, 'hij wilde niet gaan zitten.'
En ik begrijp hem wel. Waarom zou hij braaf op de bank gaan zitten, in een veel te kleine kring, met veel te veel kindjes, als net dàt het moment is dat àl het speelgoed vrij is? Helemaal voor hem alleen!
Ik ben blij. Dit komt helemaal goed.
Aan tafel valt hij bijna in slaap, en ik stel zelfs niet meer voor om terug te gaan in de namiddag.
Conclusie
We hadden het erger verwacht. We hadden gedacht dat Rube de gaten in het hek zou ontdekken en op verkenning in de achterliggende wei zou gaan. We hadden gedacht dat de klasgenoten niet heelhuids aan zijn aanwezigheid zouden kunnen ontsnappen. We hadden gedacht dat de juf een uur na zijn aankomst het noodnummer zou bellen.We hadden gedacht dat op z'n minst zijn broek nat zou zijn. Maar nee, zelfs dàt niet!
Wie hier een hilarisch verhaal over kleine krapuultjes had verwacht, is er aan voor de moeite.
Dus om de context toch wat aan te kleden, show ik met plezier even met zijn #selfmade boekentas. ;-)
Hopelijk gaat het morgen even goed!
Abonneren op:
Posts (Atom)













