maandag 29 augustus 2016

Een flamingo-leeuwen-verjaardagsfeest


'Mama', zegt Norah, 'zijn de muggen die prikken mannetjes of vrouwtjes?'
'Vrouwtjes', zeg ik.
Norah kijkt ontgoocheld.
'Neeeeee!', zegt ze boos, 'dat is niet EERLIJK!'
'Oei? Waarom niet?
'Omdat meisjes ALTIJD liever zijn dan jongens!'

De toon is gezet, ik voel het al. De vakantie loopt op zijn einde en Norah heeft nood aan nieuwe prikkels. Al de hele week is alles fout. Of niet eerlijk. Of stom, lelijk, vies en dom.
En Norah is altijd in het nadeel.

Ondertussen loop ik van her naar der. Vandaag vieren de kindjes hun verjaardagsfeest en ik moet nog bakken, versieren, decoreren en dergelijke verjaardagsfeestjesdingen.

'Ga jij met mij een spelletje spelen?', vraagt Norah
'Oh, Norahtje', zeg ik, 'nu niet meisje... Straks zijn hier een heleboel mensen om jouw verjaardag te vieren, ik heb nu écht geen tijd.'
'JIJ DOET NOOIT IETS!' roept Norah boos.

De suiker hangt tot achter mijn oren, de roze taarten dansen voor mijn ogen en ik kan geen aardbeien meer zien of ruiken. Nooit iets, dat is een tikkeltje overdreven.
Gelukkig weet ik dat er in onze dochter een kleine dramaqueen schuilt. Met veel decibels, en een peperkoeken hartje.

Om dus to the point te komen: vandaag is het verjaardagsfeestje van onze kindjes. Onze septemberkindjes. Norah kwam eerst, in 2011. 2 jaar later kwam Rube.
Het was eigenlijk de bedoeling dat Rube pas ergens halverwege oktober zou komen, maar hij besliste op 1 september dat hij er klaar voor was. De eerste schooldag, wat een slecht idee!
En nog eens 2 jaar later kwam Bores er bij. Het puntje op de i. De kers op de taart.



Om helemaal voor een perfect feest te gaan konden flamingo's en leeuwen niet ontbreken. Norah zegt het woord 'flamingo' gemiddeld 200 keer per dag en Rube speelt de hele dag door leeuw. (Om dan elke avond in bed met een klein stemmetje te vragen of er in ons huis 'toch zeker geen echte leeuwen zijn hé?'.)
Dat hij constant gepermitteerd kan brullen en krabben, is waarschijnlijk eerder oorzaak dan gevolg van zijn leeuwenliefde. Maar goed, een lievelingsdier is een lievelingsdier, daar maken we gretig gebruik van.

Een Flamingo - Leeuwen - Verjaardagsfeest dus.
En dit was het resultaat:


Leeuwen macarons met mokka-smaak. Kletskoppen tussen de macarons dienden als manen.


Een roze taart voor een roze meisje. De taart bestaat uit biscuit, besprenkeld met aardbeienthee. Daarop kwamen gepureerde aardbeien, aardbeienstukken en een laag kaastaart. De topping is een mengeling van plattekaas, slagroom, mascarpone, citroen en suiker.


De leeuw is een cheesecake met citroen en appelsien. De versiering is watermeloen, mandarijn, munt, bosbes en aardbei.



Macarons met aardbeienvulling. De vleugeltjes zijn meringue en de kopjes fondant. Toegegeven: de kopjes waren helemaal niet lekker, dus die dienen enkel voor het uitzicht. Om op te eten werden ze wijselijk verwijderd. :-)

Omdat Bores nog geen lievelingsdier heeft, werden voor hem - eigenlijk voor ons ;-) - rupsjes gemaakt. Het diertje van op zijn geboortekaartje.
Ananascake van Carola (http://www.carolabaktzoethoudertjes.nl/2013/05/ananascake-op-zijn-kop-html/). Het was lekker, maar héél erg zoet.




Ervaring leert me dat onze kindjes al het fruit en de pudding van de taarten opeten, en de rest laten liggen. Dus de feestvarkens zelf kregen een rijkelijk bord rood fruit, met voor Norah en Rube potje pudding. Meer moest dat niet zijn! (Norah proefde wel eens van de flamingotaart en - koekjes. Ze vond het mooi, maar de aardbeien waren toch lekkerder)

Een dikke merci aan zus Yanne - de beste hobbybakker uit de streek - voor de vele hulp!

woensdag 17 augustus 2016

Zeemeerminnenkaka

Norahs ogen blinken.
Ze heeft net 1200 punten verzameld bij het eendjes-vissen en kon daarmee 2 zeemeerminnen kiezen. Twee! Want dat is veel beter dan één. Op de achterkant van de doos kan je tussen de pixels door Ariël, De Kleine Zeemeermin, herkennen. Bij het opendoen van de doos moet je uitkijken dat de plastic poppen hun armen of hoofd niet verliezen. Zo ver ging de kwaliteitscontrole van het speelgoed niet. Maar dat maakt niet uit, want ze glitteren en glanzen van kop tot staart. Ze zijn sowieso prach-tig.

Lies en Ariël worden de popjes genoemd. Ariël is die met het rode haar.

‘Ooo, Norah!’
, zegt Rube vol bewondering, ‘isse vis!’
Norah krult haar tenen. Haar verontwaardiging is groot. ‘Nee!’, snauwt ze, ‘het is een zeemeermin!’
‘neeeeeeeuuuh!’ Rube fronst de wenkbrauwen. ‘Is niet een Menemin! Is een dikke vis!’
Norah klemt de tanden op elkaar. Het gebrek aan respect van haar broer vindt ze verschrikkelijk, maar ze besluit er niet verder op in te gaan. De kans dat ze anders een klop op haar hoofd of een klauw in het gezicht krijgt is vrij reëel.

’s Avonds toont ze haar mooie buit aan opa, die opagewijs een opmerking maakt over ‘pipi en kaka in het water’. Tegen opa gaat Norah wél in, want opa heeft niet de onweerstaanbare drang op haar hoofd te slaan.

‘Zeemeerminnen doen geen pipi en kaka in het water’, zegt ze overtuigd, ‘want zeemeerminnen zijn lief’.

‘Dan zouden ze ontploffen’,
zegt opa, ‘als hun eten er nergens uit kan’.

Ik draai met mijn ogen. Hoewel het een grappig gegeven is, is het een beetje een nutteloze discussie. Enkele maanden geleden zou dit ongetwijfeld de trigger van een enorme woedeaanval zijn.
Maar hé, wat ben ik blij op te merken dat Norah niet boos wordt en gewoon diep nadenkt.

‘Zeemeerminnen eten niet,’ besluit ze.

‘Waarom mogen ze geen kaka en pipi doen?’, vraag ik.
‘Omdat dat niet lief is!’
‘Maar jij doet dat toch ook?’
‘Mamaaaaaa!’
Norah kijkt geïrriteerd. Is die moeder van haar nu gewoon vervelend, of snapt ze het écht niet? ‘Ik doet toch geen kaka in de zee?!’ ... ‘Als er een visje denkt: 'oh hier staat een mooi huisje op de grond’, en hij gaat daar in wonen, en dan ziet hij dat het een grote zeemeerminnenkaka is, dan is dat toch écht niet lief van die zeemeermin?’

Point made.
Bij mensenkaka’s zouden de vissen zich niet kunnen vergissen. Die zijn onmiskenbaar lelijk bruin. Maar zeemeerminnenkaka’s zijn misleidend. Die zijn ongetwijfeld roze of paars of met regenboogkleuren én glitters én hartjes. Die arme visjes die denken dat ze een leegstaand vissenkasteel aantroffen, zijn lelijk bedrogen. Wonen in een kaka, bestaat er nog iets viezer?
De bodem van de zee vol zeemeerminnenkaka’s, dat is niet lief. Punt.

dinsdag 9 augustus 2016

Norah Diamanta

'Mama, waarom heet ik eigenlijk Norah?'
Norahs gezicht verraadt een tikkeltje ontevredenheid. Ze kijkt me vragend (zelfs een beetje verontwaardigd) aan.
'Gewoon,' zeg ik, 'omdat papa en ik dat zo’n mooie naam vinden.'

'Vind jij Norah een mooie naa-aam?'
vraagt Norah verbaasd.
'Jij niet misschien?' vraag ik.

Norah schud haar hoofd met een serieuze blik. 
'Als ik zelf zou mogen kiezen, dan zou ik voor Diamanta kiezen.'

Ik lach. Diamanta stond niet op ons lijstje, ik denk niet dat we deze optie in overweging zouden nemen.

'Een Norah is niets, een Diamanta lijkt op diamant. En dat is supermooi en blinkt enzo.' De redenering is logisch. Op die manier heeft ze haar imaginaire vriendin met roze tutu 'Bellarin' genoemd.
'En ook,' voegt ze er aan toe, 'als ik Diamanta heet, gaat Tuur mijn naam kunnen zeggen, want er zit geen R in.'

'Zou je graag jouw naam laten veranderen?'
vraag ik.
Norahs gezicht klaart op.
'Mag dat?'

'Ja,' zegt ik, 'maar dat zou je wel beter laten weten aan de juffen dan. Die gaan het anders niet begrijpen, dat er ineens geen Norah meer in de klas zit, maar een Diamanta. Ik zal juf Els bellen, dan kan jij het zeggen.'
'Oei,' dat durf ik niet mama, 'ga jij het zeggen?'
'Nee,' zeg ik, 'jij bent het die je naam wil veranderen. Ik hoor nog steeds liever Norah!'

Norah twijfelt.

'Vind je Norah Diamanta een mooie naam?' vraagt ze.
'Goh,' zeg ik, 'dat vind ik al beter, maar misschien een beetje lang. Moet ik dan altijd Norah Diamanta zeggen tegen jou?'

'Nee,' zegt Norah, 'ik heet Norah Diamanta, maar zeg maar gewoon Norah hoor.'

maandag 8 augustus 2016

Een fotoverhaal - foto 4

Elke maand maak ik een foto van onze kinderen. Op dezelfde plaats, in dezelfde sfeer. En elke maand vertel ik hen een piepklein beetje over zichzelf.
Opdat we de kleine momenten in hun opgroeien niet zouden vergeten.

Juli 2016






Norah - 4 jaar 10 maanden

De maand juli werd ingezet met zwemlessen. Net zoals verwacht ben je geen durfal in het water. Maar je enthousiasme zorgt er wel voor dat je mijn verwachtingen overtreft.
Na 10 lessen vindt zwemjuf Sandra dat je wel een extra lesje zou kunnen gebruiken. Zelf vind je dat je de medaille al verdiend hebt. Dus maak je gewoon zélf een medaille. Zo simpel kan het zijn.

Wij moeten goed opletten met wat we zeggen en plannen in jouw bijzijn, want élk detail van ons gesprek hoor (en onthou) je. Ook als je het niet begrijpt.

Rube - 2 jaar 10 maanden

Jij hebt deze maand mijn verwachtingen overtroffen. In mijn ogen ben je een eenzaat, zonder nood aan sociaal contact. Je speelt alleen, en het zal je worst wezen wat andere kindjes doen.
Maar op weekend in de Beekse Bergen, werd al snel duidelijk dat er in dat krapuultje toch vriendje schuilt. Toen een huisje verder een blond jongetje met een petje en een schop een emmer zat te vullen, pakte je je shop en ging je helpen. En als de emmer vol was, begonnen jullie opnieuw.
Ook de dag erna had je een vriendje, waarmee je samen met de kraanwagen in het meer speelde. De conversaties in het West-Vlaams versus Hollands waren heerlijk.

Bovendien plas je al de hele week niet meer in je broek! *doet een klein vreugdedansje* Hoeraaaaaa!
Die enkele keren dat we je in de struiken zagen plassen, laten we stil achterwege.

Bores -  10 maanden

In dat kleine mondje kwamen 2 joekels van voortanden piepen. Het maakt je nog schattiger dan je al was. En jouw haartjes werden ook voor het eerst geknipt. Vanaf nu ben je geen baby meer, maar een prachtige jongen.
Je zou alleen kunnen stappen, maar je durft nog niet. 1 vinger hou je vast, heel stevig, en je gebruikt hem als stuur. We voelen geen steun meer en laten onze arm zo slap mogelijk hangen. Dus die vinger dient enkel als mentale bemoediging, maar om los te laten mis je een tikkeltje lef. (Toch niet zo'n handige fase, want in kruipen heb je helemaal geen zin meer...)
Oh, en voetballen! Je doet niets liever dan aan 1 hand het huis door te crossen achter de bal aan. Met een stevige linkse (altijd een linkse) trap je de bal 30 cm verder. Als je onder de kast scoort ga je met veel zwier liggen. Jouw hoofd schuin tegen de grond, de poep hoog in de lucht. Een prachtig zicht!

Terwijl ik dit schrijf zit je naast me een grote boodschap te doen op het potje, net zoals elke morgen. Dat is één van de dingen die ik niet wist voor ik moeder werd: dat je blij wordt van een drolletje. Tenminste: als het op de juiste plaats wordt gedropt.

vrijdag 29 juli 2016

Een kleine vakantie

We gingen op vakantie naar de Beekse Bergen, net over de Nederlandse grens. Een weekendje maar, dat heb je als je niet samen verlof hebt.
1.30u rijden is nét overbrugbaar, in ruil voor 3 dagen plezier. Met 3 kinderen die niet van de auto houden zou ik een verdere bestemming nog niet zien zitten.

'Mama, ik heeft pijn in mijn buik, net als in opa's auto!' zegt Norah met een bleke snoet.
Ik begrijp onmiddellijk wat ze bedoelt, het katapulteert me even terug naar mijn eigen jeugd. Naar de mooie uitstapjes en reizen, én de bijhorende blauwe potjes die mama meenam. Ooit hadden ze gediend voor plattekaas, nu dienden ze voor snoepjes en tussendoortjes. En de lege exemplaren die ze meebracht waren de spuugpotjes van dienst.
Rube houdt ook niet van de auto (jawel, van de auto op zich wel, maar van het rijden zelf niet zo) en hij maakt zich dan geweldig boos op een peuterpuberlijke manier: met de nodige decibels.
Dat zorgt er dan weer voor dat Bores niet kan slapen en gefrustreerd wordt.
1.30u rijden is met de nodige kindercd's en tussenstops dus nét overbrugbaar. (Toegegeven, het zijn vooral Dries en ik die luidkeels meezingen. De blikken van de kinderen verraden toch een klein gevoel van schaamte. Misschien nu nog eerder ongemak, maar er komt een dag dat het écht schaamte is.)


De Beekse Bergen, dat is de max. Dat werd al duidelijk vanaf de eerste minuut. Nederlanders zijn zo open en vriendelijk naar kinderen toe, en in het hele vakantiepark staan de kinderen centraal.
We reden op een 'tractor-trein', voeren op een grote boot, zwommen in een meer, speelden op enkele van de speeltuigen (om de kindjes kennis te laten maken met alle speelpleintjes en speeltuigen die het park rijk is, zou je een week of 3 moeten komen), probeerden een pendelbootje, smulden van verse smoothies en lekkere ijsjes, genoten van het zwembad (perfect uitgerust voor peuters!) en gingen - uiteraard - naar het dierenpark.

Omdat Norah graag de flamingo's wilde zien, deden we het park eerst te voet.
Haar oogjes blonken bij de ontmoeting met haar lievelingsdier. Al was het rozegehalte van de beestjes toch een tikkeltje teleurstellend.


'Ze zijn wit hé, mama...' (de mondhoeken zoeken even hun weg, dit kan nog alle kanten uitgaan)
...
'Nee, het is niet waar, ze zijn heel licht roze. En onder de lichtroze veren zitten zéker donkerroze!'
(Voilà, dat heeft ze zelf mooi opgelost.)

De Beekse bergen staat bekend om zijn autosafari. Dan mag je met je eigen auto een parcours door het park rijden. Recht door de dierenverblijven heen.
Terwijl je nog nageniet van het jachtluipaard dat zonet je pad kruiste, komen de giraffen met hun tong de ruiten van je auto wassen.
Bores deed er de schrik van zijn leven op. Hij stond gezellig wat naar buiten te kijken en te roepen naar de giraf die op veilige afstand stond, als het beest zich omdraait. Wegens lange nek staat de kop van het beest in 1 vlotte beweging nét voor Bores zijn gezicht, die van zijn kant met een schreeuw achterover valt. Dit had hij niet verwacht. :-)


Rube - die nog steeds dierlijk gedrag vertoont als het op zindelijkheid aankomt - had geen enkel accidentje. Dat alleen al maakte het weekend geslaagd.

Dus met een blij gevoel waagden we ons aan de autorit richting huis.

'Papa, ik moet pipi doen', klonk het na 5 minuten.
We waren al zo'n 3 kilometer van ons vakantieverblijf verwijderd.
Rube's gezichte maakte duidelijk duidelijk dat het eigenlijk al te laat was.

Terwijl we de bagage opengooiden, op zoek naar reservekledij, zetten we Rube even op het potje. Vooral uit principe, iets met een mentale link leggen tussen potje en pipi.

Rube installeerde zich als een echte man die zijn ochtendlijk momentje neemt.
Hij deponeerde een kasteelkaka om u tegen te zeggen.

Daar stonden we dan. Met een drol die rechtstreeks uit het olifantenverblijf kon komen, en die we op subtiele manier moesten laten verdwijnen.
Dries plaatste het potje in een plastic zak. En we stapten het hotel naast ons binnen.
Op de een of andere manier had ik me comfortabeler gevoeld bij een vuil eettentje dan bij deze Van Der Valk die met zijn tapis-plein, lederen stoelen en sfeerverlichting de boel alleen maar hilarischer maakte.
We stapten zo horizontaal mogelijk, om het kakamonster niet over de rand te laten gluren. En we onderdrukten de slappe lach toen we aan de receptie van het chique hotel stonden met een kaka in een zakske. Even hebben we het gevoel een overval te gaan plegen, ons wapens gloeiend in de zak.

(Na het netjes deponeren van de prestaties van zoonlief in het chique hoteltoilet, dronken we uit beleefdheid nog een koffie in de bar.)

Een paar minuten moet zowat het maximum zijn voor een autorit zonder stoten. Hoe doen andere ouders dat toch, om hun kinderen mee te nemen naar Zuid-Frankrijk? Als er een geheim recept is tegen plotse behoeftes, misselijke kleuters en gefrustreerde baby's, dan horen wij het graag!

zondag 10 juli 2016

Met plezier naar bed

Ok, het moest er ooit eens van komen. Bores werd vandaag 10 maanden, en het moment leek me rijp hem kennis te laten maken met zijn bedje.
Met 'zijn bedje' bedoel ik de cosleeper die deel uitmaakt van ons familiebed.

Bij het bouwen van het bed hadden we de bedoeling de kleine baby die Bores toen was, in die cosleeper te laten slapen.
Dat is er echter nooit van gekomen. Het kleine jongetje aardt perfect in het midden van het bed, heerlijk tussen mama en papa in. Nooit zonder deken, nooit zonder warme armen om in te nestelen.
In slaap vallen met een poepke dat heen en weer schudt van de onhoudbare gezelligheid. Probeer hem maar eens ongelijk te geven.
Dus avond na avond valt Bores in slaap in de zetel of in mijn armen, om dan zijn nacht in bed verder te zetten van zodra ik ook ga slapen. Een imaginaire navelstreng geraakt moeilijker doorgeknipt dan een echte.

Vandaag zou ik me dus aan het bedje wagen.
De 3 kindjes waren zo moe dat er geen geluid meer uitkwam. Dat is een uiterst zeldzame situatie (ik genoot). Dus het leek me het ideale moment.
En dat was het ook. De poep van Bores schudde heen en weer in de lakentjes en hij draaide zich onmiddellijk in zijn favoriete slaaphouding: op de buik, armen omhoog, knietjes tot bijna onder de oksels en de poep in de lucht.

Met een gerust hart verliet ik de kamer. Wat een makkie!

Ik verwachtte verdriet of op z'n minst wat boosheid, maar het kwam niet.
Dus na een minuut of tien, misschien vijftien, ging ik stilletjes een kijkje nemen.
Een lief slapend baby'tje in zijn eigen bedje, dat moest ik met mijn eigen ogen kunnen bewonderen.

Bij het binnengaan van de kamer klonk een schreeuwtje. Geen verdriet, maar geweldig plezier.
Daar stond hij, onze kleine baby: in zijn blote fluit (zeg maar 'fluitje'), recht in zijn bed, met de babyfoon in zijn handen. De knopen van zijn T-shirt stonden open en de lakentjes waren deskundig van de matras gehaald. De pamper trof ik enkele meters verder aan.
(Ondertussen lag Rube, Koning der Krapuultjes, vredig te slapen. Geen paniek, de opvolging is verzekerd!)

Het was een geweldig succes, dat bedje. Al had de zoon niet echt door wat de bedoeling was.

vrijdag 1 juli 2016

Een fotoverhaal - foto 3

Elke maand maak ik een foto van onze kinderen. Op dezelfde plaats, in dezelfde sfeer. En elke maand vertel ik hen een piepklein beetje over zichzelf.
Opdat we de kleine momenten in hun opgroeien niet zouden vergeten.

Juni 2016






Wat een geluk dat ik de maandelijkse foto netjes in mijn agenda heb gezet - voor de komende 4 jaar. Want ik kon niet geloven dat het alwéér foto-tijd was. Met mijn neus op de feiten gedrukt: de tijd vliegt. Even knipperen met mijn ogen, en de maand is alweer om.

Norah - 4 jaar 9 maanden

'Mama, heeft een zeemeermin botten of graten?' vraag je.
De vragen die je je stelt op deze leeftijd zijn tegelijk heel erg slim en toch zo kinderlijk.
'Botten', denk je zelf, 'want die mogen we nooit opeten. Dunne graten mogen we soms wel opeten, zoals bij die vissen die papa koopt (maatjes). En omdat ik nooit een zeemeermin wil opeten, denk ik dat er botten in zitten.'

Deze maand had je windpokken. En waar je aanvankelijk heel erg trots was op die rode stippen, moest je na enkele dagen toegeven dat het eigenlijk alleen maar verschrikkelijk vervelend is om constant jeuk te hebben.

Je bent helemaal klaar voor de derde kleuterklas. De juffen omschreven je op jouw 'klasherinnering' als 'creatief, pienter en vrolijk'. En daar ben ik trots op!

Rube - 2 jaar 9 maanden

Daar waar je enkele weken geleden nog heel frequent op nachtuitstap ging en het bedritueel vaak langer duurde dan een standaard voetbalmatch, ga je nu flink naar bed.
Meestal toch, want terwijl ik dit schrijf ben je net de salon binnengeslopen. Van kop tot teen ingesmeerd met een dikke laag muggenzalf.
Maar meestal gaat het dus goed. En op een kort troostmoment na, blijf je bijna elke nacht in bed.

Ook jij had windpokken deze maand. Sindsdien worden de slechteriken in jouw spel steevast 'de Windpokken' genoemd. 'Aaaaaa, mama, vlugge stoppen (=vlug verstoppen), de Stoute Windpok gaat ons pakken!!'

Je eerste weken op school zitten er op, en nu is het tijd om even te bekomen. Voor jou, maar ook voor je klasgenootjes. De juf vroeg me jouw nageltjes kort genoeg te houden, om de verwondingen bij jouw gevechtspartners te beperken.
We hopen op veel zon deze zomer, zodat je wat gaat rijpen. In september mag je dan met hernieuwde (en liefst positieve) energie starten in de eerste kleuterklas.

Bores -  9 maanden

Boresje, elke blik op jou tovert een glimlach op mijn gezicht.
Vorige maand maakte je motorisch een geweldige vlucht, deze maand doe je het rustiger aan. Je bent niet meer roekeloos zoals je was, maar eerder beredeneerd. Je besefte dat je écht nog niet alleen kan stappen. (Dat besef kwam er nadat je het eerst geprobeerd had. Maar na enkele botsingen met de vloer, nam je zelfvertrouwen toch wat af).
Mét steun voel je je wel heel zeker. De term 'loopwagentje' neem je erg letterlijk. Aan een hilarische snelheid ren je met dat ding het atelier door.

Vaste voeding lukt nog steeds niet goed, maar misschien hebben de 2 nieuwe tanden daar wel iets mee te maken?

En ja, ook jij werd gevangen door de Stoute Windpokken.
Vanaf nu geen roodgestipte kindjes meer bij ons. De windpokkenwind is gaan liggen.